Training

Tijdens onze trainingen werken deelnemers stap voor stap aan de basis van freerunning. De focus ligt op het ontwikkelen van controle over het eigen lichaam, het leren inschatten van bewegingen en het veilig uitvoeren van technieken.

Een training bestaat uit verschillende onderdelen. We beginnen meestal met een gezamenlijke warming-up, waarna we werken aan specifieke technieken. Dit kunnen bijvoorbeeld sprongen, vaults, precisies of rollen zijn. Oefeningen worden rustig opgebouwd, zodat iedereen op zijn eigen tempo kan oefenen en verbeteren.

Plezier in bewegen vinden we belangrijk, maar veiligheid en techniek vormen altijd de basis. Door veel aandacht te besteden aan landingen, controle en herhaling zorgen we ervoor dat nieuwe bewegingen op een verantwoorde manier worden aangeleerd.

Op deze pagina leggen we de verschillende onderdelen van onze trainingen verder uit.

Wat meenemen

Voor de trainingen vragen wij om het volgende mee te nemen:

  • Sportkleding (lange of korte broek, beide is prima)
  • Binnensportschoenen (normale schoenen zijn ook goed, zolang ze schoon zijn)
  • Een bidon of waterfles

alt text

Freerunning training bij Freerunning Zierikzee

Flips

Flips zijn salto’s en andere acrobatische bewegingen waarbij het lichaam volledig roteert in de lucht. Dit is vaak het onderdeel dat mensen als eerste met freerunning associëren.

Binnen onze trainingen worden flips rustig en gecontroleerd opgebouwd. De basis begint bij het ontwikkelen van een goede afzet, lichaamscontrole en oriëntatie in de lucht.

Een belangrijk hulpmiddel hierbij is de foamblok-kuil (foam pit) in de turnhal. In deze kuil kunnen deelnemers veilig oefenen met rotaties en leren hoe het voelt om ondersteboven te zijn, zonder dat een mislukte landing direct risico oplevert.

Freerunning training bij Freerunning Zierikzee

Vaults

Vaults zijn technieken waarmee je over obstakels beweegt, zoals muren, blokken, banken of andere objecten. In plaats van om een obstakel heen te lopen, leer je hoe je gehele lichaam gebruikt om er vloeiend overheen te bewegen.

Binnen freerunning bestaan er veel verschillende soorten vaults. In onze trainingen behandelen we er meer dan twintig, elk met een eigen manier om een obstakel te benaderen en te passeren. Bekende voorbeelden zijn bijvoorbeeld de speed vault, kong vault, lazy vault en dash vault.

De reden dat er zoveel varianten bestaan, is dat elke situatie anders kan zijn. De techniek die je gebruikt hangt onder andere af van de hoogte van het obstakel, de snelheid waarmee je aankomt en de richting waarin je na de beweging verder wilt gaan. Sommige vaults zijn bedoeld om snel door te bewegen, terwijl andere juist helpen om meer hoogte te overbruggen of om een beweging in een andere richting voort te zetten.

Door verschillende vaults te leren, krijgen deelnemers meerdere manieren om met obstakels om te gaan en kunnen ze hun bewegingen beter aanpassen aan de omgeving waarin ze trainen.

Veiligheid

Freerunning kan er spectaculair uitzien — en ja, het kán gevaarlijk zijn als je niet weet wat je doet. Daarom beginnen wij altijd met veiligheid.

In de eerste trainingen leren deelnemers:

  • Hoe je veilig landt na een sprong
  • Hoe je impact opvangt met je benen
  • Hoe je je lichaam beschermt bij een val
  • De schouderrol (ook wel parkour roll genoemd)

De schouderrol is een van de belangrijkste technieken binnen freerunning. Hiermee leer je de kracht van een sprong over je schouder af te rollen in plaats van alles op je knieën of enkels op te vangen. Dit vermindert de kans op blessures en geeft vertrouwen om nieuwe dingen te proberen.

Precisie

Precisie gaat over nauwkeurig springen en gecontroleerd landen. Het doel is om een sprong zo precies mogelijk uit te voeren en stabiel te eindigen op een klein of smal oppervlak.

Dit kan bijvoorbeeld zijn van muur naar muur, van vloer naar muur, of zwaaiend aan een stang naar op een muur.

Bij precisiesprongen draait het vooral om het goed inschatten van afstand en timing. Deelnemers leren hun sprong voorbereiden, kracht zetten op het juiste moment en stabiel landen zonder hun balans te verliezen. Vaak wordt hierbij gesproken over het “sticken” van een landing: direct stil kunnen blijven staan op de plek waar je landt.

Precisie vormt een belangrijk onderdeel van freerunning omdat veel bewegingen beginnen of eindigen met een gecontroleerde sprong.